Scouting Wesselgroep
Vlaardingen

Bezoek adres
Broekpolderweg 249c
3138 HA Vlaardingen

Klik hier voor een uitgebreide route omschrijving

Onze Vloot => Voortrekker

Oostduits genieschip wordt Voortrekker in Scouting
Fabiënne Bruinsma, de echtgenote van burgemeester Tjerk Bruinsma, verrichtte op 19 maart 2005 de doop van de sleper van de waterscouts van Scouting Wesselgroep. Deze officiële handeling wordt volgens eeuwenoud maritiem gebruik door vrouwen uitgevoerd. Burgemeester Bruinsma droeg zijn steentje bij aan de plechtigheid bij door de lier te bedienen waarmee het schip te water wordt gelaten. De naamgeving van de sleper Voortrekker is gebeurd door Ria Pet, die de Wesselgroep in 1950 in Vlaardingen oprichtte.

De naam Voortrekker is een een oude scoutingnaam voor de oudste categorie scoutingleden. De voortrekkers van de Eurekastam gaven de start aan de Wesselgroep. Om onze historie levend te houden is Voortrekker dus een heel toepasselijke naam.

Vrijwilligerswerk

De sleper is een voormalige Oost-Duitse/Russische genieschip die dankzij vele honderden uren vrijwilligerswerk geschikt is gemaakt voor het zwaarste waterscoutingwerk. Het schip beschikt over een enorme voor- en achterwaartse trekkracht waardoor het mogelijk is de vletten van de waterscouts voortaan snel en veilig over grotere afstanden te verplaatsen. Dankzij de sleper kunnen traditionele locaties van de Vlaardingse waterscouts (Foppenplas en de 1 e Vliet) veel sneller worden bereikt. Zodoende is er meer tijd voor instructie en spel.

Ook komt een langgekoesterde wens van de Wesselgroep in zicht: een waterscoutkamp op de Brielse Maas met de eigen vletten. De sleper is namelijk in staat om de Vlaardingse vletten de Nieuwe Waterweg over te brengen.

Een ander voordeel van de sleper is dat de nautisch/technische kennis binnen de Scouting Wesselgroep wordt vergroot. Alle waterscoutsleiding die met de sleper varen, moeten beschikken over het Klein vaarbewijs.

De levensloop van de Voortrekker

Van origine zie je hier een heuse Oost Duitse/Russische genieschip. Er zaten wielen onder en een grote trekstang om hem het water uit te sjorren. De wielkasten hebben we dichtgemaakt en de trekstang ook erafgehaald.

Zo bleef er iets over van een casco, waar we een opbouw op maakten en een nieuwe motor plaatsen. De motor, dat is een Detroit tweetaktdiesel van naar schatting 120 Pk. Het vaart wel bizar, omdat de schroefas op de waterlijn ligt en er een schroefastunnel omheen zit om geringe diepgang te krijgen. Met het varen moet je eerst flink gas geven om de tunnel vol te zuigen. Pas als die vol is krijg je voortstuwing. Als je aan de kant staat is het net of de stuurman niet goed wijs is. Het schip maakt eerst veel toeren om weg te komen. Bij het omschakelen naar achteruit neem je ook geen gas terug want dan loopt de tunnel leeg.
Scouting blij met de val van het Ijzeren Gordijn.

Er varen nu nog meer van dit soort scheepjes in Nederland. Ik heb er een gezien in Rotterdam als duwer bij een bedrijfje dat bruggen onderhoudt. In Utrecht bij een pontonbedrijf. In Maasland is er een Scoutinggroep die met zo'n scheepje vaart. Ook heeft de Scouting Hannie Schaftgroep uit Almere zo'n schip, die luistert naar de naam El Niño. Van hen heb ik vernomen dat er in hun admiraliteit inmiddels 3 rondvaren.

BMK-130M: links El Niño, Scouting Hannie Schaftgroep Almere, rechts Spa van MKWJ uit Baarn, onder Opcesion van de Eempadgroep uit Spakenburg.

Zo zie je maar de val van het IJzeren gordijn levert nieuwe slepers op voor Scouting.

Heel bijzonder is wel dat die Detroit diesel (4-71) een Amerikaanse motor is die in Rusland gebouwd werd onder het type nummer JAZ-204, Detroit model 1950. Als je teruggaat naar de 2e wereldoorlog lees je over miltaire ondersteunning via de Moermansk route door het de geallieerden, die scheepsladingen oorlogsmateriaal naar Rusland verscheepten. Uit Duitse bronnen vernam ik dat daar oorsprong van de "Russische Detroit motoren" ligt.
Na flink wat speurwerk zijn we erachter gekomen dat onze sleper een BMK-130M is. (BMK= Buksirno Motornyy Kater) Een pontonnierschip die gebruikt werd om te duwen en te slepen bij de militaire pontonniers in Oost Europa. Dit soort schepen vindt ook z'n oorsprong in het Rusland van de Tweede Wereldoorlog.

Vanuit dit model hieronder, werden tot in de jaren “90 verschillende verbeteringen aangebracht. Toen het Oost-Duitse leger een onderdeel werd van de Bundeswehr voldeed al dat materiaal niet meer en werd verkocht. Veel scheepjes kwamen via opkopers in het westen terecht en zelfs in Engeland.

Dit is het oermodel van onze sleper de BMK-70. Latere versies krijgen intrekbare wielen en sterkere motoren. Er bestaat zelfs een versie met twee motoren een BMK 150. Die worden nu te koop aangeboden in Rusland door de staat.

Tijdens onze zoektocht naar een geschikte Scoutingsleper, waarbij we flinke hulp kregen van Cees Spanjer de voorzitter van Admiraliteit 14, hebben we ook deze BMK-T geprobeerd. We gingen toen proefvaren in het ijs met het schip op foto hieronder.

De BMK-T op een vrachtwagen, met twee schottel schroeven . De twee motoren waren manshoog en maakten een hoop herrie. Deze is het dus niet geworden, we vonden hem gewoon technisch te ingewikkeld voor onze mogelijkheden. 

Pontonniers

De BMK- 130 M werd in het gehele Oostblok gebruikt.Er was zelfs een speciale Joegoslavische versie met een metalen stuurhuisje.Hieronder zie je twee van deze Hongaarse BMK- 130 M slepers in actie bij de internationale SFOR troepen in Kroatië. Ze gebruiken de pontons als veerschip en de twee BMK's verzorgen de voortstuwing.

 Bij het 11 e infanterie pioniers bataljon uit voormalig Oost Duitsland vonden we authentieke foto's over de tewaterlating. Verder lazen we op hun site dat deze eenheden uitgerust waren met zelfuitklappende pontons die vervoer vervoerd werden op vrachtwagens. De bouw van een 120 meter lange brug ( 6,75 meter breed) werd gedaan in een tijd van 25 minuten. Dat is wel even wat anders dan een apenbrug pionieren zeg.
Op de foto hierboven van de tewaterlating zie je de uitvoering waarin we het schip aankochten, het zag er precies zo uit. Er zat nog een canvas stuurhuisje op. Het was een flinke klus voor Ed van der Doe om de wielkasten dicht te lassen en de wielarm constructie er netjes af te krijgen. Al die uitstekende blokken staal, waar andere schippers zo blij mee zijn als je langszij komt zijn er door Ed afgevloeid. Ik heb met verbazing staan kijken hoe hij dat er gewoon afsmolt met een snijbrander zonder de scheepshuid te beschadigen. Gewoon een vakman, klasse.

Projectnaam: Das Boot

Toen dat gebeurd was hebben we een tijdje kunnen varen, de motor was wel een beetje gammel maar dat mocht de pret niet drukken. Het was heel fijn nu eens grote tochten te kunnen maken met de kinderen. Voor de prijs waarvoor we het schip kochten, konden we niet eens een casco van de lelievlet kopen. Dus waren we er op voorhand al vanuit gegaan dat motor prut was en dat er wat nieuws moest komen. De projectnaam werd: Das Boot.

Aad Vons vond een nieuwe motor bij een opkoper in Werkendam. Sjaak Vermaning heeft “even” wat sponsors gezocht en met onze oude tandemasser zijn we die motor gaan ophalen, die kostte 1000 gulden. Toen we bij firma de Haas in Maasluis aankwamen om hem om te laten bouwen, kwam er een oudere monteur op me af die uit zijn portemonnee een oud geel fotootje haalde met exact dezelfde motor, model anno 1950. De rest van de monteurs wilden onze nagelnieuwe motor gelijk in het museum stoppen. We hadden veel bekijks van alle monteurs, een echte nieuwe klassieker hadden ze nog nooit gezien. Hij was zelfs nog niet gespoten. Helaas is na de plaatsing van de omgebouwde motor het project een aantal jaren stil komen te liggen vanwege gebrek aan mankracht.

Toen Rins de Bruin me vertelde dat hij zijn ex-directeur van Stork zo gek wilde krijgen met hem het schip af te bouwen vond ik dat een nogal onrealistisch klinkend plan. Wie is er nu zo gek honderden vrije uren op te offeren voor een scoutinggroep waarmee je geen binding hebt? Nou ja, Gerben Lenstra hebben we leren kennen. Ik dacht dat ik twee rechter handen had, maar die man kan echt toveren. Wat er ook gebeurde hij verzon ter plekke een goede oplossing.

Met veel oud roestig ijzer (echt) is het dan toch maar gelukt. Daarmee is het geen roestbak geworden want Rins kende wel wat geheime middeltjes.

Een mooi schip zal het nooit worden, maar het is wel ontzettend sterk. Onze botenbouwers geloofden niet dat het schip een enorme trekkracht kan ontwikkelen en namen de proef op de som met een zware industrie ungster om de trekkracht nog eens na te meten. Resultaat; een spiksplinternieuwe nylon lijn totaal door midden en nog steeds geen meetresultaten. Iedereen is dus nu wel overtuigd…en de brugpijler staat er nog.

Technische gegevens BMK 130 M

Motor: 4 cilinder 2 takt diesel Yaz 204 of Detroit 4-71 model ca. 1950
Vermogen 120 PK
Koelsysteem gesloten, met koelpijpen op het vlak
Lengte 8,70 meter
Breedte 2,60 meter
Hoogte boven de waterlijn 2,90 meter (oorspronkelijk minder)
Kruiphoogte 1,60 meter
Diepgang ca. 0,61 meter
Gewicht in originele staat 4.000 kilogram
Gewicht nu (leeg) ca. 3.000 kilogram
Topsnelheid (leeg) 21 km/uur
Snelheid met last 8 km/uur
Trekkracht vooruit 1.450 kgf
Trekkracht achteruit 800 kgf
Schroefdiameter 800 mm .
Brandstoftank 150 liter (oorspronkelijk 2x 150 liter )
Diesel gebruik max. 9 tot 12 liter per uur.
Tewaterlating ( 4 man + truck) 8 minuten
Aan land brengen (3 man + truck) ...12 minuten

Nu we meer weten over de Voortrekker wordt er in de scoutinggroep ook geroepen dat we wel kunnen waterskien of zoals sommige voorstellen erg lastige vissers van de aanlegsteiger spoelen. Je kunt je wel voorstellen dat zo'n overpowered kort schip een heel hoge hekgolf maakt.

Nog een tandje erbij Voortrekker

Als je denkt dat we nu wel gehad hebben ken je het sponsor (ritsel) circuit van Scouting niet .Alle scoutingleiders die ik ken weten op de een of andere manier wel aan spullen te komen die erg bruikbaar zijn. Net zoals met onze schip maken we wel wat iets van wat een ander weggooit.

Na de doop gaan we nog even verder met het inbouwen van allerlei vaarzaken. Er werd hard gelachen toen Sjaak Vermaning met en spiksplinternieuwe GPS set aankwam. Hoe kun je nu op de Vlaardingse Vaart de weg kwijtraken? Maar onverstoorbaar als hij is kwam er ook nog een roerstandaanwijzer een omvormer om van 24 volt 220 Volt te maken. Ook kwam hij aan met een nagelnieuwe Marifoon. Dat is erg belangrijk als we op groot vaarwater zitten, want dan kunnen we verkeersberichten van de Havendienst volgen. Op de Nieuwe Waterweg en andere rivieren is dat zelfs een must. Voor het vaarseizoen goed op gang is zullen we het schip wel volledig uitgerust hebben.

Er is ook veel nodig om ook veilig te kunnen varen met het schip, met een EHBO kist alleen kom je wel wat te kort. Rader reflector, ankergerei, seinvlaggen, ankerbol, trechter, reserve brandstof, meerlijnen, gereedschap, reddingvesten, kaarten, scheepspapieren, sleper ontheffingen, ernstvuurwerk, reddingboeien, markeringsboeien, meerpennen, meerlijnen, lichten, verrekijker etc. Een heleboel zaken waar je eigenlijk niet bij stilstaat, moeten gewoon aan boord zijn. Ook iets eenvoudigs als reservekleding voor het geval er iemand een nat pak krijgt

Ik hoop dat we, nu dit project klaar is onze aandacht weer meer kunnen richten op het verder uitbouwen van het waterwerk in onze Scoutinggroep. Dat heeft de afgelopen jaren een flinke deuk opgelopen vanwege het tekort aan leiding.

Het waterscoutingwerk bij de Wesselgroep wordt nu veel avontuurlijker dan we ooit konden bieden in de afgelopen 29 jaar omdat we nu veel meer mogelijkheden hebben en sneller op onze instructie bestemming de Foppenplas zijn. De effectiviteit van onze uren wordt groter en de kennis en ervaring neemt zo sneller toe. Lekker op eigen kracht naar de Kaag, Biesbosch, Brielse Maas dat zijn plekken die we voorheen nooit konden bezoeken. Dat is leuk voor de kinderen en erg leerzaam voor de onderdeelsleiding.

Als je meer wilt weten over het oorspronkelijk gebruik van de Voortrekker als pontonniersboot en de ombouw ervan tot Scoutingsleper dan kun je dat zien in de diashow. Klik op een van de kleine afbeeldingen en de show start vanzelf.

Klik hier om de diashow van de sleper te starten
December 2005 R. Scheurkogel